Home  ›  Financieel en fiscaal  ›  Parafiscale regels

Parafiscale regels

Er zijn al voldoende goede redenen om het gebruik van bedrijfsfietsen te overwegen. Bedrijfsfietsen mogen gecumuleerd worden met een fietsvergoeding en een bedrijfswagen. Op dit moment zijn bedrijfsfietsen en alle aanverwante kosten 120% fiscaal aftrekbaar. Dus ook de fietsstalling en de kleedruimte vallen onder dit gunstige fiscale regime. De extra 20% aftrek van kosten wordt echter vanaf het aanslagjaar 2021 voor vennootschappen volledig afgeschaft. Bijgevolg geldt vanaf dan de gewone aftrekbaarheid van 100%. 

Voor het personeelslid is de bedrijfsfiets geen belastbaar voordeel. Op de vergoeding die het woon-werkverkeer met de bedrijfsfiets met zich meebrengt, zijn geen sociale bijdragen verschuldigd. Al deze voordelen gelden zowel voor een fiets die het bedrijf aankoopt, als voor fietsleasing.

De fiscale en sociale regelgeving voor het gebruik van de fiets door de werknemer wordt hieronder uitgebreid uitgelegd.

Bedrijfsfiets (inclusief elektrische bedrijfsfiets en huurfiets)

PRIVEVERPLAATSINGEN EN WOON-WERKVERPLAATSINGEN

Fiscaliteit

Voordeel dat voortvloeit uit de terbeschikkingstelling van een fiets en toebehoren (inclusief onderhouds – en stallingskosten) gebruikt voor woon-werkverplaatsingen en privéverplaatsingen, is vrijgesteld.

Opmerking: Wanneer de bedrijfsfiets nooit gebruikt wordt voor woon-werkverplaatsingen, maar enkel voor privéverplaatsingen, geldt voormelde vrijstelling niet en geeft de terbeschikkingstelling van een fiets wel aanleiding tot een belastbaar voordeel dat geraamd wordt op basis van de werkelijke waarde in hoofde van de verkrijger.

De bedrijfsfiets kan gecombineerd worden met een vrijgestelde fietsvergoeding van 0,24 EUR/km. Deze vrijstelling kan worden gecombineerd met de werkelijke beroepskosten (ofwel op basis van bewijsstukken of wel forfaitaire bepaald op 0,24 EUR per afgelegde kilometer zonder dat de in aanmerking genomen afstand tussen de woonplaats en de plaats van tewerkstelling hoger dan 100 kilometer mag zijn).

In principe is geen cumul mogelijk met vrijstelling voor woon-werkverplaatsingen anders dan met het openbaar gemeenschappelijk vervoer of met de door de werkgever georganiseerd gemeenschappelijk vervoer.

Sociale zekerheid

In het verleden diende zowel door de werkgever als door de werknemer RSZ betaald te worden op het privégebruik (woon-werkverkeer werd hier niet als privégebruik beschouwd). Dit is niet langer het geval en ook het louter privégebruik wordt met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2017 niet langer onderworpen aan een RSZ-bijdrage.

BEROEPSVERPLAATSINGEN

Geen belastbaar voordeel.

Fiets van de werknemer gebruikt voor woon-werk- en beroepsverplaatsingen (inclusief elektrische fiets)

WOON-WERKVERPLAATSINGEN

Fiscaliteit

Vrijgestelde vergoeding van 0,24 EUR per km (aanslagjaar 2019)

Deze vrijstelling kan worden gecombineerd met de werkelijke beroepskosten (ofwel op basis van bewijsstukken ofwel forfaitaire bepaald op 0,24 EUR per afgelegde kilometer zonder dat de in aanmerking genomen afstand tussen de woonplaats en de plaats van tewerkstelling hoger dan 100 kilometer mag zijn)

Geen cumul mogelijk met de vrijstelling voor woon-werkverplaatsingen anders dan met het openbaar gemeenschappelijk vervoer of met een door de werkgever georganiseerd gemeenschappelijk vervoer.

Sociale zekerheid

Vrijgestelde vergoeding van 0,24 EUR/km.

BEROEPSVERPLAATSINGEN

Fiscaal

De belastingadministratie aanvaardt 0,24 EUR per afgelegde kilometer als niet belastbare terugbetaling van kosten eigen aan de werkgever voor dienstverplaatsingen.

Een bedrag van 0,24 EUR per afgelegde kilometer is mogelijk als de werkgever kan aantonen dat dit bedrag bepaald is overeenkomstig bepaalde normen die het resultaat zijn van herhaalde waarnemingen en steekproeven.

Sociale zekerheid

Voor beroepsverplaatsingen mag een vergoeding van 0,24 EUR/km worden toegekend (vrij van RSZ-bijdragen).

 

De inhoud van deze pagina werd opgemaakt in samenspraak met een juridisch consulent in kader van het VIM-project Intelligent Mobiliteitsbudget